Staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken kondigde deze week aan werk te gaan maken van de tegenprestatie voor bijstandsgerechtigden. Gemeenten moeten nu echt werk gaan maken van de verplichte studie, stage of werktraject met als stok achter de deur een mogelijke verlaging van de uitkering.

De staatssecretaris komt hiermee tegemoet aan een voorstel van D66-Kamerlid Rens Raemakers, die pleit voor een ‘niet-vrijblijvend’ aanbod aan de bijstandontvangers. Ik weet natuurlijk niet hoe het anderen vergaat, maar ik krijg bij de term ‘niet-vrijblijvend aanbod’ toch akelige associaties met Don Vito Corleone uit de film The Godfather (1972). De New Yorkse maffiabaas spreekt geregeld over ‘an offer you can’t refuse’, een aanbod dat je niet kan afslaan. En hoewel het in eerste instantie klinkt als een gloednieuwe auto voor 50 euro, is het in de realiteit van de film een eufemisme voor afpersing en dwang.  

Neuspeuterende nietsnutten

Ik snap wel waarom Raemakers en Van Ark (en andere politici) dit voorstel doen en ondersteunen. Het klinkt onwijs stoer, doortastend en zelfverzekerd. De politiek grijpt hard in waar de samenleving dat vraagt. Aan de collectieve borreltafels en sportkantines (vaak dezelfde plek) klinkt immers vaak het mopperige idee dat ‘al die bijstandtrekkers’ het veel te goed hebben, niet snel genoeg aan een baan gaan en over het algemeen neuspeuterende nietsnutten zijn. Een flinke schop onder de luie uitkeringsreet – want het verschil tussen bijstands-, werkeloosheids- en andere uitkeringen is voor de meeste te ingewikkeld – zal hen goed doen. Lange leve de regering! 

Dit verhaal is zo intelligent als een oerwoudgeluiden producerende FC Den Bosch-‘fan’. Het gaat uit van een vertekend beeld van de werkelijkheid, waarin de ‘hardwerkende Nederlander’ moet betalen voor luie uitkeringstrekkers: tokkies, kampers, buitenlanders, tienermoedertjes, drugsverslaafden, enzovoorts. Wat al deze ‘hardwerkende Nederlanders’ schijnen te vergeten, is dat onze uitkeringen, de bijstand incluis, weliswaar worden betaald uit belastingopbrengsten (‘ONS GELD!!!’), maar dat de uitkeringstrekkers tijdens hun werkzaam leven daaraan dus ook gewoon hebben bijgedragen. 

In zekere zin is het uitkeringsstelsel een soort collectieve, verplichte verzekering voor alle Nederlanders, zodat niemand in ons welvarend landje onder de brug hoeft te slapen. En ja, de ene mens maakt meer gebruik van die verzekering dan de ander, maar zo werken deze zaken: op basis van onderlinge solidariteit. De boehoe-roepers vergeten dan ook maar even voor het gemak dat ieder van ons morgen zijn baan kan verliezen, of chronisch ziek kan worden. Dan doen wij ook een beroep op die uitkering en zijn we heel erg blij dat ie er is. 

Luie steuntrekkers

Bovendien is een ‘niet-vrijblijvend aanbod’ überhaupt geen oplossing voor mensen die langdurig in de bijstand terecht zijn gekomen. Voor je in de bijstand terecht komt, heb je heel waarschijnlijk al een aantal andere uitkeringen gehad, en heb je al heel wat maanden of jaren al wanhopig geprobeerd een baan of studie te vinden. Als dat de afgelopen tijd niet is gelukt, gaat de gemeente dat natuurlijk niet even vlug fixen.

Bovendien: de controle op het hele uitkeringsapparaat kost ook heel erg veel geld, geld dat we wellicht beter in andere zaken kunnen stoppen. Die paar uitvreters die je altijd hebt, kunnen we dan wel dragen. En je maakt ook nog eens de kans kleiner dat allerlei burgers onterecht als fraudeur worden aangemerkt, zoals recentelijk met de kinderopvangtoeslag. 

Nee, leuk en aardig allemaal, maar het idee van de staatssecretaris gaat geen mensen uit de bijstand helpen, gaat de bureaucratie vergroten en de toch al zo aangetaste onderlinge solidariteit verder eroderen door bij te dragen aan het frame van luie steuntrekkers.

Bron: NPOradio1.nl