In februari gingen grote groepen middelbare scholieren de straat op om te demonstreren. ‘Klimaatspijbelaars’ worden ze genoemd. Een uitstekende kandidaat voor het Van Dale Woord van Jaar, editie 2019. Ze protesteren tegen… ja dat is een beetje lastig. Ze demonstreren tegen milieuvervuiling. Maar volgens mij is niemand daar voor, dus om dan te gaan demonstreren lijkt me wat overbodig. Ze protesteren voor… ja dat is ook een beetje lastig. Ze willen dat de overheid steviger ingrijpt bij milieuvervuiling. Maar dat kost geld. En ook de klimaatspijbelaars hebben nu eenmaal geen geld.

Het is met deze sympathieke jongelingen als met hun volwassen tegenpolen, die in gele hesjes gehuld door heel Europa demonstreren tegen de Europese Unie en deze of gene premier of president. Maar gevraagd naar wat ze nu concreet willen, is het meest gehoorde antwoord ‘meer geld’. In dit opzicht zijn de spijbelaars tenminste nog idealistisch gemotiveerd. Maar beide groeperingen geloven in de idee-fixe van ‘gratis geld’. En dat idee wordt vaak gevoed door sluwe politici, die surfen op electorale golfbewegingen.

Grofweg zijn er drie groepen die voor de voorgestelde milieumaatregelen moeten opdraaien: de overheid, de bedrijven of de burgers, die tegelijk ook consumenten zijn. De overheid wordt echter grotendeels gefinancierd door burgers en bedrijven. En de bedrijven wentelen die belastingen en eventuele milieuboetes gewoon af op diezelfde burgers. In ieder scenario betaalt iedereen altijd veel geld. En niemand wil die boodschap uitdragen.

De klimaatspijbelaars: het zijn pionnen in een duister politiek spel waarin met geld, verantwoordelijkheden en problemen wordt geschoven. Ze worden bejubeld door progressief Nederland omdat ze de laatste verbeelding zijn van een pijnloze energietransitie. Ze worden verguisd door behoudende krachten, die – en niet ten onrechte – opmerken dat diezelfde scholieren niet zo makkelijk weg zouden komen met staken tegen buitenlanders of voor kernenergie. De stem van de jeugd krijgt immers alleen ruimte als spreekbuis voor de ouderen.

Eén ding zijn ze zonder meer: slachtoffer van een nieuwe erfzonde, die wij aan het begaan zijn. Zij zullen boeten tot in de zevende generatie voor de fouten van hun voorvaderen. Ooit wordt de rekening opgemaakt, en dan zijn wij er niet meer om die te betalen. Zij wel.

Bron: Groen (Wetenschappelijk Instituut ChristenUnie)

Advertenties