Geef ons heden ons dagelijks beeld


Op 4 januari 1964 zat de helft van de toenmalige Nederlandse bevolking aan de televisie gekluisterd (zo ging dat nog in het pre-YouTube-tijdperk) voor de derde aflevering van het stoute VARA-programma ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer’. Acteur Peter Lohr begroette de televisiekijkers als gelovigen van een ‘beeldreligie’

De gelovigen van deze eredienst belijden hun geloof in kerken en kapellen. (…) Van alle kerken en kappellen wenkt, blijmoedig verkondigend, het kruis. Het kruis zegt tot de wereld: wie horen kan, die hore. Wie kijken kan, die kijke. Hier is het licht. Hier vindt gij de ontvangst. Hier ziet gij het aanschijn van het Beeld. Want het Beeld is tot de mens gekomen en heeft de mens gevormd naar zijn evenbeeld. Elke avond verzamelen de gelovigen rond de tabernakelen en ontsteken het heilige beeld.

Ongelofelijk voor wie Theo van Gogh, Hans Teeuwen en Geert Wilders heeft overleefd, maar gelovig Nederland (en dat waren er een heleboel toen) stond op zijn achterste benen. Mies Bouwman die aan het programma meedeed, zag zich gedwongen af te haken: zij en haar kinderen hadden doodsbedreigingen ontvangen. Ook uniek, toen. De parodie op evangelie, Onze Vader en Tien Geboden was de gevoelige christen teveel. Lohr ging nog even verder in die uitzending.

Geef ons heden ons dagelijks programma. Wees met ons, o Beeld, want wij weten niet wat wij zonder u moeten doen. (…) In den beginne was het beeld en het beeld was goed en het beeld is goed. Komt allen tot het beeld, die belast en beladen zijt, want het beeld zal u rust geven.

Hoewel niet zo geoefend in het herkennen van elke Bijbelse echo als de fijnbesneden stereotypische protestant, herken ik een heleboel min of meer bekende bijbelteksten die op een vrolijke en chaotische manier door elkaar worden gemixt. Wat ik dan vooral erg humoristisch vind, is dat het Beeld paradoxaal wordt bezongen door het aloude Woord. Ook die oude socialisten konden niet om de kracht van het Woord heen.

Het woord is beeld geworden

Maar Lohr heeft wel gelijk: het Woord is beeld geworden. We leven in een beeldcultuur waarin een beeld meer zegt dan duizend woorden. Waar bij elk praatje een verhaaltje hoort. Waar de krantenfoto’s groter zijn dan de begeleidende artikeltekst. Visueel leren is het nieuwe leren. Mindmappen het nieuwe onthouden. Visualiseren het nieuwe psychologisch adagium. En zonder een filmpje op YouTube gelooft niemand dat je bestaat. Maar ik blijf hangen bij Lohrs woordige lofzang op het beeld. Misschien heeft deze amateurtheoloog wel een belangrijk punt te pakken, vijftig jaar na de legendarische uitzending.

Als we de eerste hoofdstukken van Genesis erbij pakken, dan vinden we woorden en beelden. God spreekt voortdurend. En door Zijn woorden brengt God alles tot het bestaan. Maar met de mens is iets bijzonders aan de hand, die krijgt twee versies. En in de tweede versie staat te lezen dat God de mens heeft geschapen naar zijn eigen beeld en gelijkenis. God spreekt en schept daardoor een gelijkenis van zichzelf. De mens als goddelijk zelfportret. Gensis koppelt woord en beeld aan elkaar als het om het menselijk begin gaat.

Beeld en gelijkenis

Een van de meest interessante uitwerkingen van deze imago Dei is de volgende. Als God de schepper de mens schept naar zijn eigen voorbeeld, dan is de mens geschapen voor en geroepen om hetzelfde te doen: scheppen. Als de mens wil beantwoorden aan zijn goddelijke roeping moet hij doen als God zelf: scheppen. En hoe moeten wij dat dan doen? Eenvoudig: net als God, beeld en woord tegelijk zijn.

‘ Wie mij ziet, ziet de Vader,’ hield Jezus zijn volgelingen voor. ‘Het beeld is vlees geworden,’ meldde de VARA ons. Jezus is het beeld van de Vader, net zoals alle mensen dat zijn. Het is ons begin en onze roeping. God is de kunstenaar, het universum is zijn schilderslinnen. En wij mensen krijgen onze eigen kwast in de hand gedrukt en mogen meekliederen. Soms gaat dat goed, vaker nog gaat het mis. Maar dat weerhoudt de gelovige niet om het te blijven proberen

Is het beeld in de kerk terug van weggeweest? Ik denk van niet. Het is nooit weggeweest. Geen Beeldenstorm noch aflatenhandel heeft de menselijke honger kunnen wegnemen naar het scheppen van woorden en beelden van het Onzegbare en het Onzienbare. Het beeld van God is nooit ver weg, omdat je alleen maar in de spiegel hoeft te kijken om Hem te zien. Of naast je op de bank waar je geliefde televisie zit te kijken. Net als toen in 1964.

Happy watching!

Bron: Geruchten #48

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s