Opinie-artikelen

Nog steeds zijn mensen op zoek


Het rapport God in Nederland heeft nogal wat stof doen opwaaien, zeker onder gelovigen aan beide zijden van de Reformatie. God lijkt niet alleen vertrokken uit Jowerd, zoals schrijver Gert Mak al eens suggereerde, maar ook uit Nederland. Getallen waar je als gelovige droevig van kan worden: weer minder mensen naar de kerk, weer minder mensen die in God geloven. En zelfs onze zweverige buren, de ‘ongebonden spirituelen’ vliegen langzaam definitief het religieuze kamp uit. De vraag bij al deze cijfers en getallen is: wat betekent dit?

In eerste instantie moest ik denken aan een scène uit de film The Godfather Part III (1990). Michael Corleone, de grote maffiabaas, raakt aan het einde van zijn leven in gesprek met kardinaal Lamberto. Deze kardinaal pakt een steentje uit het water van de fontein. “Kijk naar deze steen,” zegt hij. “Het heeft heel lang in het water gelegen.” Inderdaad, de steen druipt van het water. Dan slaat Lamberto het steentje in tweeën: van binnen kurkdroog. “Zo is ook gebeurd met de mensen in Europa. Eeuwenlang zijn ze omgeven geweest met het christendom, maar Christus is niet bij hen binnengekomen. Christus leeft niet binnen in hen.”

Moedeloze ogen

Wie de resultaten van het rapport met moedeloze ogen leest, ziet een bevestiging van Lamberto. Twee eeuwen christendom is een dun laagje chroom over het oeroude schroot van ongelovigheid en bijgelovigheid. De individualisatie maakt ons eenzaam. De deïnstitutionalisatie sloopt in rap tempo de oude vertrouwde instituten: vakbonden, politieke partijen, vrijwilligersorganisaties, en de kerken. En daar waar nog aanwezig, slopen liberale partijen als VVD en D66 de laatste restjes christendom uit ons maatschappelijk-politiek systeem. Wet op de zondagsrust afgeschaft. Wet op smadelijke godslastering afgeschaft. Koppeling kerkelijke en gemeentelijke ledenadministratie. Ontkoppeld. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Meer praxis dan confessie

aar toch is er meer aan de hand, zeker als het gaat om het katholieke volksdeel. Het katholicisme, niet alleen in Nederland, is altijd meer een praxis dan een confessie geweest. Daarmee bedoel ik dat katholieken, net als bijvoorbeeld moslims of joden, de neiging hebben hun eigen geloof meer te zien als een set van handelingen dan een set van geloofsregels of –dogma. Om het nog maar eens anders te zeggen: een katholiek gelooft door zijn handelingen, kaarsen aansteken, op bedevaarten gaan, kruisjes slaan, medailles meenemen, schietgebedjes afvuren. Door sommige (protestantse) critici wordt dit afgedaan als volksgeloof, of zelfs bijgeloof.

Blanco

Deze praktische manier van geloven van de traditionele katholiek uit het begin van de vorige eeuws blijkt én zo weggespoeld én intrigerend hardnekkig te zijn. Toen de eerste generatie katholieke volwassen in de jaren zestig en zeventig de moederkerk de rug begonnen toe te keren, ontstond een nieuwe generatie katholieken die weliswaar van huis uit nog wat restanten van een katholiek levensgevoel hadden meegekregen, maar religieus-inhoudelijk zo goed als blanco in het leven stonden. Deze tweede generatie heeft zijn heil vaak gezocht in alternatieve spirituele circuits, cursussen en hobby’s.

Zegen en onheil

Nu staat de derde generatie postkatholieken er aan te komen. Zij missen nog meer, en dat is zegen en onheil tegelijk. Religieus-spiritueel blanco is deze generatie niet meer in staat de eigen nationale cultuurgeschiedenis te begrijpen en te doorgronden. Zij missen immers het Grote Verhaal van het christendom. En zonder dat verhaal snap je van onze geschiedenis niet veel. Tegelijkertijd is alle instinctmatige afkeur die hun ouders en zeker grootouders zo kenmerkten richting de oude moederkerk, geheel verdwenen. Vers en onbevangen melden zij zich aan het spirituele front.

Hardnekkig

Toch is het katholicisme hardnekkig. Mijn idee is dat de gemiddelde Nederlander nog steeds net zo spiritueel is als hij of zij altijd geweest is, maar is vergeten dat dit zo heet. Het woord ‘spiritualiteit’ is besmet geraakt, ouderwets geworden, irrelevant bevonden. Het is voor vele mensen een zombiewoord. Je weet eigenlijk niet eens wat het betekent, maar het riekt naar oude mensen, musea en rare mensen op zondagochtend. De mens zal zich echter altijd blijven afvragen: wie ben ik? Waar kom ik vandaan? Waar ga ik naartoe? En zolang die vragen – bewust of onbewust, expliciet of impliciet – gesteld worden, is spiritualiteit, is God nooit ver weg. De confessie, de set van geloofsregels, heeft het voorlopig verloren. Maar de praxis, de feitelijke zoektocht naar zin in het bestaan blijft.

Is Nederland nog ‘in de Heer’? Misschien wel meer dan het zelf weet.

 

Bron: Nederlands Dagblad

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s