Als dienen voor verdienen komt


Op 3 oktober mocht ik het congres van ‘Perspectief’ openen, de jongerenafdeling van de ChristenUnie. Onderwerp was: wat is je (ver)dienmodel? Hieronder volgt de tekst van deze column.

Mensen vragen mij wel eens: ‘Hoeveel verdien je nu op de universiteit?’ Ik zeg dan eerlijk: ‘Twee, drie ton per jaar. Ik hou het niet zo bij. Netto volgens mij.’ Ik krijg dan te horen: ‘WAT? Krijg je zoveel salaris?’ Dan ben ik verdrietig: ‘Ik verdien het wel, maar ik krijg het niet.’

Pecunia non olet

Money makes the world go around. Ik bid tot engelen, maar ik vereer de demonen. Sinds de toiletbelasting van keizer Vespasianus weten we allemaal dat geld niet stinkt. We vermeerderen ons geld met alle macht en alle kracht. Jezus zegt het onszelf: we moeten woekeren met onze talenten (Matteüs 25:14-30). En ‘talenten’ betekende in Jezus’ tijd gewoon moneys hoor. De derde knecht vermeerdert het geld van zijn baas niet, maar begraaft het. Tot groot ongenoegen van zijn heer: hij heeft geen winst gezien.

Mammon

Geld, de grote afgod, de mammon, de grote geldgod. ‘Niemand kan twee heren dienen,’ zegt Jezus. ‘Want hij zal de een verfoeien en van de ander houden, of zich hechten aan de eerste en de ander verachten. Je kunt God en de mammon niet tegelijk dienen’. (Mt. 6,24) Tegelijkertijd houdt Jezus er wel van om zijn gehoor op een verkeerd been te zetten. Elders zegt hij: ‘De kinderen van deze wereld gaan onderling immers handiger te werk dan de kinderen van het licht. Ook Ik zeg jullie: maak je vrienden met behulp van de mammon.’ (Lc. 16,9)

Slijk der aarde

Geld en geloof lijken slecht samen te gaan. Geld is ongemakkelijk. Slijk der aarde. Weggeven die zooi. Arm zijn als Jezus, als een kerkrat. Schenk alles wat je hebt aan de armen en volg mij, zegt Jezus. Maar ik ben zo gehecht aan mijn spullen, mijn boeken, mijn kleren, mijn game computer, mijn dingetjes.

‘God make me pure, but not yet!’ zong Robbie Williams in navolging van de kerkvader Augustinus. Ik geef er mijn eigen draai aan: ‘God maak me arm, maar nu nog even niet.’

Geld en christenen

Wat moeten we als christenen toch aan met die mammon. We willen zo graag zonder hem, maar het is zo fijn toeven onder zijn met goud bedekte vleugels. What would Jesus Do? Als we kijken naar het woord ‘verdienen’, zegt het woordenboek: (1) als winst of loon verwerven (2) aanspraak mogen maken, recht hebben op. Maar als ik naar dat woord kijk, zie ik het nare woordje ‘dienen’ opduiken. Wie wil heersen, moet eerst dienen, zo houdt Jezus ons voor. En dat dienen is niet altijd leuk om te doen. Liever heersen in de hel, dan dienen in de hemel, aldus Lucifer in John Milton’s Paradise Lost (1967).

Dienen

Maar als ‘verdienen’ met ‘dienen’ te maken heeft, wat zegt dat eigenlijk? In ieder geval dat het ‘dienen’ voor het ‘verdienen’ komt. ‘Wie niet werkt, zal ook niet werken’. Paulus had een hekel aan luie uitvreters. Ook toen had je al dikke-ikjes. Dienen betekent dat je dienstbaar bent aan de ander. Dat je de ander een dienst bewijst. Dat je een ander een plezier doet. Dat je een ander helpt om verder te komen in het leven. Of je nu een opticien bent die mensen helpt de verkeersboorden weer te kunnen lezen of een theoloog die wanhopig probeert inspirerend te zijn, de eerste intentie is die van ‘dienen’, van ‘de ander helpen’.

Wij associëren ‘verdienen’ te vaak met ‘het doel heiligt de middelen’. Hoeveel mensen mij niet zeggen dat ze hun werk haten, maar dat ze het doen omdat er nu eenmaal geld verdiend moet worden. Die hypotheek lost zichzelf niet af, en de kindermonden kunnen niet van lucht leven. Dienen betekent dan ook niet als een horige slaaf over de grond van je landheer kruipen, hoewel er nog genoeg plekken aan te wijzen zijn waar het er nog zo aan toe gaat. Dienen betekent dat je de kwaliteit van het leven van anderen verbetert. En pas als je dat gedaan hebt, heb je recht op een loon.

Gratis

Maar hoeveel loon dan? Kan je een prijskaartje hangen aan de kwaliteit van dienen? Dienen zou eigenlijk goddelijk moeten zijn. Gratia gratis datur, de genade wordt gratis en voor niets geschonken. Voordeel van die genade: hij kan niet opraken. Dat is met onze tijd en middelen natuurlijk wel anders.

Maar toch. Als we er eens van uit gaan dat dienen gratis en voor niets is. Dat we elkaar het leven gemakkelijker maken, gewoon omdat het leven daar zoveel beter van wordt. Dat de stratenmaker onze stoep opknapt, zodat niemand over de losse tegels kan vallen. Dat de concertpianist zijn muziek gratis ten gehore brengt op het NS station van Utrecht, zodat iedereen van zijn goddelijke muziek kan genieten. Dat de wanhopig kletsende theoloog op een jongerencongres gratis zijn geleuter aanbiedt, omdat hij hoopt dat mensen daar iets aan zouden kunnen hebben. (Ik denk het niet trouwens.)

Utopie

Okee, die ideale samenleving lijkt wel erg utopisch, socialistisch, communistisch zelfs. Bah. Vies. Spuug uit. Ik troost met aan het idee dat onze paus Franciscus ook beschuldigd wordt van communistische sympathieën. Zijn antwoord? Ik wil best nog een keer de christelijke geloofsbelijdenis opzeggen, hoor. Ik bedoel maar. Maar laten we ook realistisch zijn: de collectivistische experimenten van het communisme hebben bewezen dat de mens niet alleen in staat is tot alle kwaad, maar dit ook met enige graagte in de praktijk wil brengen. Maar toch, laten we het kind niet met het communistisch badwater weggooien.

Nieuw verdienmodel

Ik pleit voor een nieuw verdienmodel, dat in de eerste plaats is gebaseerd op het begrip ‘dienen’. Het zal het koninkrijk Gods niet spontaan uit de hemel naar beneden laten storten, maar het zal ook niet in de val van het te optimistische communisme vallen. Ik pleit ervoor dat loon, beloning, salaris, hoe je het ook noemen wilt, wordt gekoppeld aan de hoeveelheid ‘dienen’ die erbij, die ervoor komt. Een paar voorbeelden.

De supermarktmedewerker helpt met een grote glimlach zijn klanten door de winkel. Hij lost problemen op, legt producten uit en zorgt voor een schone, mooie winkel. Hiermee dient hij zijn klanten, die hem vervolgens belonen door producten in zijn winkel te kopen. Natuurlijk: de klanten betalen in de eerste plaats voor de producten die ze kopen, maar feitelijk belonen ze de dienstbaarheid van de eigenaar en zijn personeelsleden.

Nog een voorbeeld. De aandelenhandelaar weet door slim met miljarden rond te goochelen een half miljard winst te maken voor zijn hedge fonds. Hij dient alleen zijn baas, maar eigenlijk vooral zichzelf. Want 10% van de winst mag hij zelf maken. Dat er aan de andere kant van de wereld banen verloren gaan door zijn handigheidje maakt hem niets uit.

Onrechtvaardig

Sorry voor de clichés. Maar, als ik Jezus even mag parafraseren, wie is hier nu zijn loon waardig? Wie dient hier nu? En wie wordt vooral gediend? Ik denk dat we het snel eens zijn. En sorry dat ik de aandelenhandelaars, bankiers, grootgrondbezitters, industriëlen en een zekere categorie politici heel clichématig benader, maar ik heb maar 15 minuten.

Nog een voorbeeld. Een werkeloze 55-jarige man zit in de bijstand. Elke dag zit hij in zijn tuintje voor zijn huis, maakt een praatje met iedereen die voorbij komt en houdt tegelijk een oogje op de opgroeiende jeugd in de buurt. De politie is wegbezuinigd, dus toch wel handig dat die man er is. Hij dient heel erg veel mensen, maar hij verdient niets. Dat wil zeggen: hij krijgt maar een heel klein beetje geld.

Rechtvaardig? Nee. Marktconform? Ja. Kapitalistisch verantwoord? Zeker. Maar echtvaardig? Nee, echt niet.

Loon naar werken

Kunnen we alsjeblieft naar een maatschappij waar de hoogte van je inkomsten niet afhangt van de lengte van je opleiding, de bankrekening van je vader, de toevalligheid van de juiste wieg of van de klank van je naam. Kunnen we alsjeblieft naar een maatschappij waar de mate van dienstbaarheid bepalend is voor je inkomsten. Kunnen we dat regelen? Meneer Rutte, u bent toch ook mijn minster-president, mag ik u dat vragen?

Als verdienen van dienen komt, geef de mens dan inderdaad loon naar werken. En als dienen voor verdienen komt, dan wordt het de samenleving hopelijk wat lichter. Als dienen voor verdienen komt, als we vrienden worden met de mammon, zonder ons helemaal aan hem te onderwerpen, als we leren van onze voorouders, kan ons land dan misschien tot een land van hope and glory, land of peaceful rest?

Gratia gratis datur. Pecunia non olet. Ik zeg u : het volk dat leeft van dienen, zal heersen zonder het zelf te weten.

Ik heb gezegd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s