Magic: the Golem


Sommige kaarten van Magic the Gathering zijn cultuurtheologisch te leuk om niets mee te doen. Deze week ‘Steel Golem‘ van Donato Giancola.

De Steel Golem is een van de bijna 50 Golemkaarten uit MtG. Steel Golem kost drie grijze mana, dat wil zeggen: elke kleur en kleurencombinatie mana kan gebruikt worden om de kaart te casten. Steel Golem heeft 3 aanval en 4 verdediging.

Ability en flavor text zijn bijzonder interessant bij elkaar gebracht door Giancola. Steel Golem zorgt ervoor jijzelf geen creatures meer kan casten, waardoor je feitelijk jezelf beroofd van een verdere opbouw van je leger.

Dat verklaart ook waarom zo’n relatief goedkope kaart (drie mana, en dan nog wel grijs) zo’n relatief hoge aanval- en verdedigingstats heeft. Ikzelf bijvoorbeeld moet zo’n kaart dus echt niet. Maar dat ligt helemaal aan je speelstijl en aan het moment dat je dit creature krijgt en cast.

De truc zit ‘m in de flavor text:

Als je eenmaal perfectie hebt gecreëerd, wat is er dan nog over om te maken?

De woorden ‘perfectie’ en ‘creëren’ geven precies aan waar het bij de golem om draait, en waar het altijd fout gaat met zelf in elkaar gesleutelde monsters.

Vertaling

Het Hebreeuwse woord golem is een zogenaamde hapax legoumenon, een woord dat maar eenmaal voorkomt, en wel in Ps 139:16.

Uw ogen zagen mijn vormeloos begin [גָּלְמִי golmi],
alles werd in uw boekrol opgetekend,
aan de dagen van mijn bestaan ontbrak er niet één. (NBV)

Verschillende vertalingen zijn geopperd: ‘nog vormeloos’ (De Willibrord 1995), ‘noch onbereydt’ (Luthers vertaling), substance, yet being imperfect (King James), informem adhuc me (Vulgaat) en ἀκατέργαστόν akatergaston (lxx). De golem lijkt dus een imperfecte, dat wil zeggen nog niet gereed zijnde mens: een half-mens, een pseudomens.

In Sanhedrin 38b (Babylonische Talmoed) worden de eerste twaalf uren van Adams schepping verhaald. In het eerste uur wordt Adam, of dat wat nog Adam moet worden, ‘opgestapeld’. In het tweede uur wordt hij een ‘golem’ (‘hij werd in een vormloze massa gekneed’). In het derde uur worden zijn ledematen uitgestrekt. En pas in het vierde uur krijgt hij een ziel (nefesj). Het onvoltooide van de golem kan positief worden uitgelegd, als een nog moeten worden, maar ook negatief, als mislukt. De duistere kant van het ‘monster’ van de golem komt door de eeuwen heen steeds nadrukkelijker naar voren.

Zielloos en sprakeloos

Uit het citaat uit Sanhedrin 38b wordt ook duidelijk dat de golem letterlijk zielloos is. Pas in het vierde uur krijgt de golem een ziel ingeblazen. Het gevolg van deze inblazing, zo lezen we in het verdere tekstgedeelte, is dat Adam kan gaan staan (5e uur), de dieren hun naam kan geven (6e uur), Eva ten geschenk kan krijgen (7e uur), zich kan voortplanten (8e uur), het verbod op het eten van de vruchten van de boom van kennis van goed en kwaad opgelegd krijgt (9e uur), dit verbod kan overtreden (10e uur) en daaropvolgend kan worden geoordeeld (11e uur). In de Midrasj Leviticus Rabbah (5e-7e eeuw) valt een vergelijkbare sequentie te lezen. Adam ‘stijgt op’ uit de gedachten van God (1e uur), God discussieert met zijn engelen over de schepping van de mens (2e uur), God verzamelt het stof van de aarde (3e uur), God kneedt Adam uit het stof (4e uur), vormt Adams ledematen (5e uur), maakt Adam tot een golem (6e uur) en blaast uiteindelijk een ziel in hem (6e uur). Adam in zijn golem-staat is dus zielloos, en als consequentie hiervan kan hij (nog) niet bewegen, handelen, spreken of relaties aangaan.

De golem heeft dus niet alleen geen ziel, maar is ook nog eens letterlijk sprakeloos. Daarmee is eveneens het verschil duidelijk met de mens. Daarover spreekt Sanhedrin 65b, in een korte anekdote over rabbi Rava en een soort golem. Hoewel het woord golem hier niet valt, wordt dat in de traditie wel als zodanig begrepen. De anekdote gaat als volgt. Rava schiep een mens en stuurde deze naar rabbi Zera. De rabbi sprak tot de mens, maar deze gaf geen antwoord. Zera antwoordt dan: ‘Jij moet gemaakt zijn door de gezellen (sommigen vertalen: magiërs).Keer terug tot stof.’ De golem (laten we hem even zo aanduiden) kan dus niet spreken, waardoor Zera inziet dat het om een artificiële mens gaat.

Overmoed

In Midrasj Abkir wordt nog een reden genoemd, waarom de golem niet kan spreken: het geeft het verschil aan tussen God en mens. Want, toen God de wereld wilde maken, begon hij met de mens, die hij als een golem maakte. Maar net voordat God een ziel in de golem wilde blazen, zei Hij tegen zichzelf: ‘Ik ga eerst de rest van de schepping maken, en daarna pas maak in de mens af’. De reden hiervoor is helder: als God de mens maakt vóór de rest van de schepping, zal gezegd worden dat de mens Gods scheppingspartner is geweest. God vreest voor de menselijke hybris, overmoed.

Het scheppen van de golem wordt geleidelijk overgeplant van het domein van goddelijke scheppen naar het domein van menselijke mede-scheppen. In die nieuwe context keert het thema van de menselijke overmoed vaak terug. De mens die zichzelf inbeeldt leven te kunnen voortbrengen (anders dan bij natuurlijk voortplanting), net zoals God zelf, loopt het gevaar zichzelf ook als God te gaan beschouwen. Het menselijke scheppen van een golem is op zich niet verkeerd. Het is uiting van de menselijke waardigheid als medeschepper. Maar zodra de mens zelf meent voor schepper (dus God) te kunnen spelen, ontstaat het gevaar van menselijke overmoed en –daardoor–van een ontspoorde golem. Denk bijvoorbeeld aan het bekende verhaal van het monster van Frankenstein.

De perfectie van de golem, van de Steel Golem uit MtG, is dus juist een imperfectie. Niet alleen is de kaart zelf imperfect (het voorkomt dat je meer creatures kan oproepen), maar het hele proces van het creëren van een artificiële mens is tot mislukken gedoemd. Althans: volgens de Joodse traditie. De mens die zichzelf op het niveau van God probeert te manoeuvreren door God na te apen – zelf ook een creatuur scheppen – komt van een koude kermis thuis. Kijk maar eens naar de flavor text van deze Stone Golem (vijf grijze mana, 4 aanval, 4 verdediging).

De beeldhouwer, zoals de meeste kunstenaars, stopte zijn hart en ziel in zijn werk, Maar de pas ontwaakte golem besloot dat hij de meer grijpbare delen van zijn schepper wilde hebben.

Ik zei toch al gelijk: niet gebruiken die Steel Golem….

Meer informatie is te vinden in: ‘Letters ten leve, De golem als scheppingstheologische casus’, samen met Jos Moons, in: Archibald van Wieringen, Bart Koet en Harm van Grol (red.), Hebreeuws in het midden, Berne (2015), p. 17-28.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s