De cover van de jongste editie van het Frans satirische tijdschrift Charlie Hebdo voert een huilende Mohammed met in zijn handen de nu al legendarische tekst ‘Je suis Charlie’. Boven Mohammeds hoofd staat de tekst ‘Tout est pardonné’, alles is vergeven. Het is een diep ontroerende reactie op de slachting van vorige week, waarbij de hele wereld getuige was van de brute moord op acht redacteuren van Charlie. En een diep christelijke reactie.

Tekenaar Renald ‘Luz’ Luzier, de tekenaar van deze cover, brak tijdens de persconferentie in tranen uit. Dezelfde tranen vloeiden eerder, zei hij, toen hij de cartoon tekende. En wie zou niet door emoties overmand worden, als je weer ‘gewoon’ aan het werk moet op het kantoor waar de sporen van de moordpartij op je collega’s misschien nog niet eens allemaal zijn weggeruimd, laat staan de diepe sporen in je eigen hart.

‘Als kinderen’

‘We zijn als kinderen, we houden ervan om gekke plaatjes te tekenen,’ zei Luz op dezelfde persconferentie. En dat zie je terug, niet alleen in de vaak slecht getekende en inhoudelijk kinderachtige cartoons in Charlie, maar ook in de ogen van Mohammed op de jongste cover. Hij kijkt als een kind dat net iets doms gedaan heeft, en nu begrijpt wat zijn ondoordachte actie heeft aangericht. ‘Sorry, mama. Ik bedoelde het niet zo.’

Hoeveel Charlie-redacteuren, maar ook hoeveel andere bewust of onbewust kwetsende journalisten, opiniemakers en politici zullen zich vaak zo voelen. Sorry, zo hadden we het niet bedoeld. Het was een geintje. Een grapje, om te lachen. En zoals elk kind achteraf weet, was het ook inderdaad niet zo verstandig om te doen. Maar het leed is geleden. Dat weet de redactie van Charlie nu ook.

Snakken naar lucht

‘Ik snakte de afgelopen week naar lucht,’ aldus de immer bedaarde theoloog Erik Borgman in Trouw. ‘En precies dat is wat deze cover me geeft. Deze cartoon verwart me. Hij brengt de vraag weer terug en trekt de reflex om nu in simpele verklaringen en vijandsbeelden te denken onderuit.’ Graag onderschrijf ik deze woorden van Borgman. De cartoon ontroerde me intens toen ik hem onder ogen kreeg. En dat blijft deze cover doen. De reden hiervoor is de totale omkering van perspectief die in deze tekening van Luz te vinden is.

Huilende Mohammed

De eerste omkering vindt plaats door Mohammed af te beelden met de tekst ‘Je suis Charlie’. Luz positioneert hiermee de door de islamitische terroristen zo vereerde en verdedigde profeet te midden van die miljoenen mensen, moslims zowel als niet-moslims, die de afgelopen week hun woede en afschuw uitspraken over de barbaarse moordpartij in het hoofdkantoor van Charlie.

Het is alsof de drie zelfbenoemde ‘martelaren’ in de hemel komen om hun beloning op te strijken, en Allah/God zegt ‘Je suis Charlie’ terwijl hij een valluik onder hun voeten laat wegklappen. Hierdoor weet Charlie deze ‘strijd’ niet (meer) te laten gaan over moslims versus niet-moslims, zoals de terroristen graag zouden zien, maar over weldenkende mensen versus barbaren. En gelukkig behoren de overgrote meerderheid van de mensheid, moslims zowel als niet-moslims, bij deze eerste groep. Mohammed huilt, en daarmee stelt hij zichzelf, en iedereen die hij representeert, in loyaliteit met de wenende cartoonisten en hun vermoorde collega’s. ‘Niet in mijn naam.’

‘Alles is vergeven’

Dit alles is al intelligent te noemen, maar de nieuwe redactie van Charlie gaat nog een stap verder door het plaatsen van de tekst ‘Tout est pardonné, alles is vergeven. De redactie, de overlevenden, vergeven wat hen is aangedaan. Je kan daar natuurlijk schamper over doen, zoals Matthias Smalburgge in al eerder gememoreerde artikel uit Trouw: ‘Alsof de dode cartoonisten hun moordenaars kunnen vergeven – dat is het kalf willen redden terwijl het al verdronken is. Vergeving is met de levenden. Als iemand jou iets heeft aangedaan, kun je hem vergeven, zodat je samen verder kunt. Als je dood bent, kun je met niemand verder.’

Dat moge waar zijn, de doden kunnen niemand meer geven, maar de overlevende redactieleden en vrienden en familie van de gedode tekenaars kunnen dat wel degelijk. Ook hen is groot leed aangedaan. Dat de redactie van Charlie kiest voor vergeving in plaats van met (verbaal) geweld te antwoorden, is prijzenswaardig. Wie kan zeggen dat hij de moordenaars van zijn geliefden vergeeft?

Tot 70×7

In de tekst ‘alles is vergeven’ lees is bovendien een van de belangrijkste deugden uit de christelijke traditie terug: vergeving. Jezus vergeeft zijn beulen net voor Hij aan het kruis sterft: ‘Vader, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen.’ (Lc. 23,34-46) En op de vraag hoe vaak we elkaar moeten vergeven, antwoordt Jezus eerder in zijn leven: ‘Tot zeven maal zeventig.’ (Mt. 18,21-22). En elke gelovige snapt best dat vergeving dan niet stopt bij 490.

Je kan van alles vinden van Charlie: dat ze grof zijn, ongenuanceerd, en expres op elke lange teen gaan staan die ze kunnen vinden. Je kan zelfs vinden dat het in het huidige tijdsgewricht niet zo verstandig is Mohammed of de Islam belachelijk te maken. Maar hun reactie op het Parijse drama is van groot statuur en door en door christelijk.

Bron: Katholiek.nl; overgenomen op Kerknieuws.nl; geciteerd op RKK.nl.

Advertenties