Regisseur Moll probeert een religieuze fabel te schilderen over de menselijke zwakheden van een Kapucijner monnik, maar het resultaat is een voorspelbare mix van seks, religieuze obsessie en een satanspact. Bovendien is Le Moine wel erg seksistisch: de satan heeft altijd de vorm van een verleidelijke vrouw.

De film Le Moine is een bewerking van het boek The Monk: A Romance van de Romantische auteur Matthew Gregory uit 1796. Vanwege de mix van seks en katholicisme werd het ogenblikkelijk verboden, wat de bekendheid natuurlijk alleen ten goede kwam. Wat in 1796 echter nog vernieuwend en provocatief was – zuivere monnik valt ten prooi aan seksuele zonden – is in 2011 een al diep ingesleten pad van clichés.

Ergens in de 17de eeuw wordt een jongetje te vondeling gelegd op de trappen van het Kapucijnenklooster in Madrid. De broeders nemen hem op en Ambrosio (Vincent Cassel) groeit op tot de meest geliefde prediker en tegelijk meest gevreesde biechtvader van Madrid en omstreken. Ambrosio houdt zijn gehoor in preek en biecht voor om niet te zondigen. ‘Of dat niet moeilijk is,’ wordt hem gevraagd. ‘Nee,’ antwoord de monnik. ‘De satan heeft zoveel macht over je als je hem toestaat.’ En hij helpt de mens graag de satan te weerstaan. Als hij een jonge zuster betrapt op overspel, levert hij haar over aan de een (clichématige) abdis die haar en haar ongeboren kind laat weghongeren in een cel. Ambrosio: “Je moet niet bang zijn voor de straf, je moet er zelfs naar verlangen. Want het maakt je ziel vrij van zonden.”

Deze ijzeren moraal moet natuurlijk eens als een boemerang op de heilige man terugslaan. Geheel in de traditie van Faust spint de duivel een web van leugens en verlangens om Ambrosio heen. Dit web neemt exclusief de gedaante van vrouwen aan, eveneens een erfenis van Gregory’s roman uit 1796. Opgestookt door visoenen en met hulp van een als monnik vermomde heks laat Ambrosio zijn blik (en begeerte) slaan op een vroom meisje die naar zijn preken luistert. Om haar zuiverheid te bezitten – zo’n soort film is het dus – zet hij alles op het spel: zijn carrière, zijn leven en zijn onsterfelijke ziel.

De film is erg voorspelbaar en het lukt regisseur Moll nergens om de kijker te verrassen. Mede debet hieraan is dat veel rollen uit clichés zijn opgebouwd: de monnik is zeer recht in de leer, de abdis is een sadistisch monster, en de ene vrouw is naïef onschuldig, terwijl de ander hem om haar vinger wint. Toch heeft de film wel een boodschap voor onze huidige kerk. Teveel hoeders van haar eeuwenoude traditie en de strenge seksuele moraal van de katholieke kerk zouden er goed aan doen de Ambrosio in hun eigen hart te onderkennen. Hypocrisie ligt immers op de loer: wie is in staat om de strenge moraal die je aan anderen voorhoudt, ook zelf te houden? En zo niet, laat dan eerder mildheid dan geweld regeren.

Bron: Deze recensie is gepubliceerd op RKK.nl.

Advertenties