Op 27 maart gaat in Utrecht de documentaire Gods eigen parochie in première. De film van Sherman De Jesus gaat over de Utrechtse Willibrordusparochie en haar fameuze voorganger pater Kotte (+ 2006). Voor veel parochianen is de oude Assumptionist een held die hun kerk beschermde tegen de ‘aftakeling’ van de liturgie na het Tweede Vaticaans Concilie. Voor veel critici is de pater een schrikbeeld van een ultraconservatieve kerk, die de tijd eeuwen wil terugzetten.

De documentaire van De Jesus focust op de mensen die Kotte (+ 2006) persoonlijk hebben gekend. Dat zijn voornamelijk zijn oude parochianen van de Willibrorduskerk in Utrecht, maar ook bijvoorbeeld Antoine Bodar en kardinaal Simonis. De Jesus maakt niet gebruik van een commentaarstem, slechts af en toe horen we hem een vraag stellen. De kijker moet aan de hand van interviews, historische televisiebeelden en geciteerde krantenberichten zich een beeld vormen van de complexe situatie rond pater Kotte. Dat lukt uiteindelijk wel, maar vraagt wel veel van de kijker.

Tridentijnse liturgie

Kotte celebreerde vanaf de jaren zeventig de mis volgens de oude Tridentijnse liturgie. Dat sprak een hele hoop katholieken in die periode bijzonder aan: we zien beelden van een propvolle Willibrordkerk waar onder andere de oudminister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns aanwezig is. We zien parochianen die woedend voor de camera reageren op de kerkelijke straf die Kotte krijgt voor zijn ongehoorzaamheid. “Lang leve pater Kotte. Kotte is een heilige priester.”

Verwarring

De jaren zeventig waren zeker een tijd van religieuze en liturgische verwarring in Nederland. De schok van het Tweede Vaticaans Concilie was nog niet uitgeraasd. Katholieken voelden zich ontheemd, zoals een nu oude vrijwilliger zegt: “Er was niets goed meer: de woorden van de consecratie werden niet meer goed gezegd, het was alleen nog maar brood en wijs, de gehoorzaamheid aan de paus hoefde niet meer.” Ook de geïnterviewde Simonis bevestigt de radeloosheid van veel katholieken, die terugverlangden naar een Gregoriaans gezongen (Tridentijnse) hoogmis in plaats van beatmissen en andere liturgische experimenten. Kotte vulde die behoefte aan vroeger, deze ‘historische heimwee’.

Breuk: Vaticanum II

Wat wel opvalt, is dat de vele ‘Kotterianen’ schijnbaar het verschil niet lijken te kennen tussen de oude (Tridentijnse) ritus en de nieuwe ritus, die immers net zo goed als de oude in het Latijn kan worden gevierd. Ze praten over de Tridentijnse mis als ‘zo moet de mis gevierd worden’. De historische breuk van Vaticanum II lijkt hen volledig te zijn ontgaan. Zo wordt de afschuw over liturgische experimenten ongemerkt tot een terugkeer naar de oude ritus, in plaats van een strikte uitvoering van de nieuwe. De nieuwe ritus wordt geassocieerd met wildgroei, maar dat is historisch niet correct.

Tegenpaus Clemens XV

Het bevestigt het beeld dat vaker opduikt in deze moeilijke liturgische kwestie: het lijkt om een correcte liturgie te gaan, maar vaak blijkt dat het ook om hele andere dingen gaat, zoals de koers van de r.k.-kerk in ruime zin. Zo maakt de regisseur nogal wat tijd vrij voor de (vermeende) sympathie van pater Kotte voor de excentrieke ‘tegenpaus’, de Fransman Clemens XV. Deze geboren Michel Collin (‘pontificaat’ van 1950 tot 1974) voert een strijd tegen de ‘valse paus’ Johannes XXIII en Paulus VI, beide ‘conciliepausen’. Deze kolderiek aandoende, slissende man wordt door zowel Simonis als Bodar gekoppeld aan pater Kotte. Ook zien we een foto van een door Clemens gewijde vrouw (met een beeld Maria van Alle Volkeren in haar hand) samen met pater Kotte. Een parochiaan: “ach, daar heeft hij publiekelijk afstand van genomen, dat was de stok waar ze hem altijd mee sloegen.”

Verdriet

En deze houding is de sterkste emotie die in de hele documentaire spreekt: intens verdriet. Verdriet om hun pater die overleden is. Verdriet om de kerk die niet meer is als zij eens was, en dat nooit meer worden zal. Verdriet om alle onrechtvaardigheid die Kotte is aangedaan. Verdriet om hun eigen veroordeling door de kerkelijke overheid. Het is een intense droefheid, een ‘historische heimwee’ naar een tijd die nooit meer zal terugkeren.

Terug naar de oude theologie

De ‘connectie’ tussen Kotte en de tegenpaus illustreert wel treffend de harmonie van ideeën tussen verschillende conservatieve kerkelijke groeperingen die menen dat Vaticanum II een verraad tegen de kerk betekende, en dat de stoel van Rome vanaf dat moment door een ‘valse paus’ wordt bezet. Ook Kotte en zijn geliefde Tridentijnse liturgie zijn ‘momenten’ waarop men kan begrijpen dat een terugkeer naar de oude liturgie veel meer betekent dat louter een zaak van schone schijn en uiterlijkheden. Terug naar de oude liturgie betekent ook terug naar de oude theologie, waar geen ruimte is voor andersdenkenden en -gelovigen, laat staan voor niet-katholieken of niet-christenen.

Diepe sporen

Gods eigen parochie legt op treffende wijze een periode in de Nederlandse r.k.-kerk vast, die voor alle partijen moeilijk was en die diepe sporen in vele zielen heeft achtergelaten. De wonden zijn wel al gesloten, maar nog altijd zichtbaar in de mensen rond de Willibrorduskerk.

Bron: Dit artikel is gepubliceerd op KatholiekNederland.nl.

Advertenties