Het thema van de Maand van de Spiritualiteit is in 2010 ‘tijd maken’. In 1973 schreef de briljante Duitse kinderboekenschrijver Michael Ende dat wie tijd wil besparen, juist tijd kwijtraakt.

Het thema van de Maand van de Spiritualiteit is in 2010 ‘tijd maken’. “De dag lijkt te kort voor alles wat we willen doen. Het lijkt wel dat we geen vat op de tijd kunnen krijgen. Vaak hebben we het gevoel dat die ons door de vingers glipt,” aldus de speciale website www.maandvandespiritualiteit.nl.

Geprikkeld door dit thema dook een oud kinderboek op in mijn geheugen, dat het thema van de spirituele maand november uiterst treffend uitbeeldt: Momo en de tijdspaarders. Grijze heertjes overtuigen de mensheid om tijd te sparen. Het resultaat is echter omgekeerd: niemand heeft nog ergens tijd voor (over).

Michael Ende

Momo verscheen in Nederlandse vertaling in 1975. Auteur Michael Ende (1929 – 1995) was de zoon van de surrealistische schilder Edgar wiens werken door het Nazi-regime werden verboden. In 1979 verscheen Ende’s grootste en bekendste werk Het Oneindige verhaal dat verschillende verfilmingen meemaakte. Ende staat bekend als een spiritueel kinderboekenschrijver, wiens antroposofische levenswijze een stempel op al zijn werken drukt. Het boek Momo en de tijdspaarders had de oorspronkelijke titel Momo, oder: Die seltsame Geschichte von den Zeit-Dieben und von dem Kind, das den Menschen die gestohlene Zeit zurückbrachte(1973), een titel die tegelijkertijd oer-Duits is én daar de draak mee steekt. Het verhaal zelf handelt, zoals de Duitse titel al zegt, over het weesmeisje Momo en haar strijd tegen de tijddieven.

Zonder geschiedenis

Momo is niet van deze wereld. Verkleed als een meisje zonder leeftijd, ouders of geschiedenis woont zij in een oud amfitheater aan de rand van een stadje. De way of live is aanvankelijk paradijselijk: niemand heeft er haast. De letterlijk tijdloze Momo is hiermee het zinnebeeld van elke mens dat het kind in zichzelf heeft weten te behouden, een kind waarvoor de tijd niet bestaat. De kinderen van de stad spelen zonder ophouden in het theater van Momo, die de wildste avonturen verzint, en de volwassenen komen graag bij haar langs omdat ze zo goed kan luisteren. Aan deze toestand komt echter een wreed einde met de komst van de tijddieven.

Tijdsparen

Met de komst van deze grijze heertjes in driedelig pak komt Ende’s maatschappijkritiek om de hoek kijken. De tijddieven weten de mensen van de stad namelijk te overtuigen van het nut en de noodzaak van het sparen van tijd. Wie immers nu tijd spaart, kan dat later weer gebruiken voor ‘andere dingen’. Wat die ‘andere dingen’ zijn, blijft mistig en de prijs is ongekend hoog: alle vriendschap, emoties en schone kunsten moeten worden afgelegd. Er moet immers gespaard worden. Werken, werken, werken, later bij het pensioen komt het genieten. Eerst blijven de volwassenen weg, dan de kinderen wiens ouders onder invloed van de grijze heren hen verbieden langer hun tijd te verdoen met Momo.

Vadertje Tijd

De grijze heren krijgen iedereen in hun macht, behalve Momo. Samen met de tovenaar Hora (‘vadertje Tijd’) en een schildpad weet zij de snode plannen te dwarsbomen en de gespaarde tijd te ‘bevrijden’. De schildpad speelt een belangrijke rol. Als Hora de tijd heeft stilgezet, zijn Momo , het dier en de tijddieven de enige die nog kunnen bewegen: Momo vanwege een tijdbloem, de heertjes omdat ze van ‘gestolen tijd’ leven en de schildpad omdat deze ‘haar eigen tijd heeft’. Schildpadden zijn de ideale ‘onthaasters’ simpel omdat ze nooit haast lijken te hebben en door hun zeer hoge leeftijd ook alle tijd hebben. De schildpad is, net als Momo, een zinnebeeld van de ontijdelijkheid, voor wie tijd geen rol (meer) speelt.

Maatschappijkritiek

Ende bekritiseert het jachtige bestaan van de moderne consumptiemaatschappij. Hij constateerde in 1973 al dat al onze technische verworvenheden ons juist minder tijd lijken op te leveren, in plaats van meer, zoals de reclames ons toelachen. Sinds die tijd is Ende’s waarschuwing des te actueler geworden. Het thema van de Maand van de Spiritualiteit bewijst dit. Ende lijkt ons te willen zeggen dat ‘tijd’ zich niet houdt aan ons kapitalistisch wereldbeeld. Met alle consumptiegoederen gaat immers de regel op: wie nu spaart, heeft later meer. De tijd onttrekt zich hieraan: hoe meer je er nu van ‘opmaakt’, hoe meer heb je later. En wie nu probeert de tijd te sparen, komt er in de herfst van zijn leven (zo niet eerder) achter dat alles voor niets was.

Ende’s boek is een opdracht om in het nu te leven, om nu tijd te maken.

Bron: Deze recensie is gepubliceerd op KatholiekNederland.nl.

Advertenties